Een goede-nacht-gedachte met Voltaire

A:    Het eeuwige Oerbeginsel heeft het zo ingericht dat,
als ik een goed verstand heb,
als mijn kleine hersenen niet te vochtig en niet te droog zijn,
dat ik dan gedachten kan hebben,
en daar dank ik Hem van ganser harte voor.

C:    Maar hoe komen die gedachten dan bij u op?

A:    Dat weet ik absoluut niet.
Veertig jaar geleden, in de tijd dat men in zijn land nog niet durfde te denken,
is een filosoof nog vervolgd omdat hij had gezegd:
"Het probleem is niet alleen om erachter te komen of de materie denken kan,
maar vooral om te weten te komen hoe bij een wezen, van welke aard ook,
gedachten kunnen ontstaan."
Ik ben het eens met die filosoof, en in weerwil van zijn domme vervolgers
zeg ik u dat de oerprincipes der dingen mij totaal onbekend zijn.

B:   U bent totaal onwetend en dat zijn wij ook.

A:    Precies.

B:    Maar waarom denken wij dan nog over alles na?
Hoe weten we wat goed is en wat niet,
als we niet eens weten of we wel een ziel hebben?

A:    Er moet wel onderscheid gemaakt worden:
wij weten niets omtrent de oorsprong van het denken,
maar we weten heel goed waar ons belang ligt.
Het is ons duidelijk dat het ons belang is om rechtvaardig te zijn jegens anderen,
en dat anderen dat zijn jegens ons,
opdat allen op dit hoopje slijk zo min mogelijk ongelukkig zullen zijn
gedurende de korte tijd die het Opperwezen ons heeft gegeven
om te groeien en te bloeien, te voelen en te denken.

(en om grappen te maken…
voegt Voltaire ergens anders ‘voelen en denken’ toe,

in zijn ABC, Zeventien dialogen, anno 1768).

Advertenties

Over Selma

Maarten Lutherschool 1958
Dit bericht werd geplaatst in Slaap lekker!, Weetnietbetersyndroom en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op Een goede-nacht-gedachte met Voltaire

  1. TimmerArk zegt:

    Nieuwe spelregels voor dit Blog. Ik zal me er aan houden.
    Grapje.

  2. asbloed zegt:

    Kon ik maar begrijpen wat u schrijft.
    Kon ik maar bedenken wat mij drijft.
    Waarom … een gedachte lang genoeg blijft.

    Die verzwegen gedachte een vorm van bedenken is.
    Nu een onderdeel van die … gedachte daaruit vis.
    Vandaag alvast bedenk … ik heb het morgen mis.

    Mijn gedachten. In mijn hoofd zijn ze met z`n achten.
    Schreeuwend om te willen zwijgen. Sprekend om pijn te verzachten.
    Ik twijfel. Zal ik mij uiten. Daar waar velen om zekerheid lachten.

  3. Selma zegt:

    Gedachten met z’n achten? Dat zijn twee ploegjes bridgers.
    Is het niet eerder zo dat gedachten miljoenen flarden zijn?
    Maar dat rijmt niet.
    Waar lachten ‘velen om zekerheid’? En waarom?
    Of is dat erg? Mij lijkt dat juist verstandig:
    zekerheid is belachelijk. Panta rhei.

Schrijf hier je reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s